De aanvraag van een huurwaarborg van personen die een opvangstructuur verlaten

Wanneer personen die in een opvangstructuur voor vluchtelingen verblijven het recht hebben om hun opvangstructuur te verlaten, wordt voorzien in een specifieke territoriale bevoegdheidsregel van de OCMW's in artikel 2, §8 van voornoemde wet voor de toekenning van de huurwaarborg. Het bevoegde OCMW om de persoon te helpen die een huurwaarborg vraagt wanneer hij de opvangstructuur verlaat, wordt vastgelegd door deze bepaling.

1. Wettelijke bepaling

Artikel 2, §8 van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn stelt dat:

“In afwijking van artikel 1, 1° is het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van de gemeente waar de woonst zich bevindt waarvoor de betrokkene de huurwaarborg vraagt, bevoegd om deze hulp te verlenen bij het verlaten van een opvangstructuur in de zin van artikel 2, 10°, van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen.”

2. In de praktijk

Het toepassingsgebied van artikel 2,§8 is het volgende::

  1. Persoon die hulp ontvangt: personen die het recht hebben om een opvangstructuur te verlaten.
  2. Aard van de gevraagde hulp: huurwaarborg toe te kennen bij het verlaten van een opvangstructuur.
  3. Moment van de indiening van de steunaanvraag: bij het verlaten van een opvangstructuur. De aanvraag tot toekenning van een huurwaarborg moet dus worden ingediend vóór het verlaten van de opvangstructuur.

➢ Wanneer een persoon het recht heeft om een opvangstructuur te verlaten en een aanvraag tot huurwaarborg indient vooraleer de opvangstructuur te verlaten om de opvangstructuur te kunnen verlaten en zich in een woning te vestigen, is de specifieke bevoegdheidsregel van artikel 2, § 8 van de wet van 2 april 1965 van toepassing om het bevoegde OCMW te bepalen om de aanvraag tot huurwaarborg te onderzoeken.

=> Het bevoegde OCMW is het OCMW van de gemeente waar de woning zich bevindt.

Het OCMW van de gemeente waar de woning zich bevindt waarvoor de betrokkene de huurwaarborg aanvraagt en waarin hij zich zal vestigen na het verlaten van de opvangstructuur is bevoegd om zijn aanvraag tot huurwaarborg te onderzoeken. De woning moet identificeerbaar zijn; indien dit niet zo is, moet een andere bevoegdheidsregel worden toegepast, naar gelang het geval, en moet de hiërarchie van de regels van de piramide worden nageleefd.