FAQ

Publication date
09-03-2021

Vraag 1:

Ik heb een vraag in verband met een nieuw dossier leefloon.

Het betreft een dame die een ziekteuitkering ontvangt maar die aanspraak kan maken op een aanvullend leefloon.

De dame heeft een sanctie opgelopen van 2 dagen waar haar ziekteuitkering verminderd werd met 10 %.

Voor het aanvullend leefloon, moet ik rekening houden met het basis dag bedrag of moet ik rekening houden met het verminderd dagtarief van 10 % gezien de sanctie?

Antwoord 1:

U dient het dagtarief te nemen verminderd met 10 % omdat men rekening houdt met de effectieve inkomsten.

Vraag 2 :

Een huisvrouw werkt 10 u/week in de horeca sector. In januari ontvangt zij een ecocheque ter waarde van 141 euro. Deze ecocheque is haar eindejaarspremie. Vermeerderd met haar salaris (toepassing van de SPI vrijstelling) wil ik dus ook rekening houden met deze ecocheque.

Dien ik daarentegen ook artikel 35 toe te passen voor deze ecocheque (141 euro) ?

Antwoord 2 :

Ja, er moet steeds rekening mee gehouden worden.

Als de ecocheque een vergoeding is dient men er rekening mee te houden maar ook als deze laatste geen vergoeding is moet men er toch rekening mee houden want het principe van onze wetgeving is dat men moet rekening houden met alle inkomsten ongeacht de aard ervan.

Een ecocheque is in feite een extra legaal voordeel en kan beschouwd worden als een vergoeding voor de sociale bijdrages (geen fiscale bijdrages) als bepaalde voorwaarden vervuld zijn.

Maar een ecocheque kan ook worden toegekend ter vervanging of omzetting van bezoldigingen, bonussen, voordelen in natura of andere voordelen of aanvullingen, al dan niet onderworpen aan sociale zekerheidsbijdragen, in welk geval de ecocheque steeds voldoet aan het begrip bezoldiging en dan onderworpen zal zijn aan sociale zekerheidsbijdragen.

Vraag 3:

Een jong meisje dient een aanvraag in voor het recht op een leefloon. Zij heeft 30255,76€ ontvangen op 28 maart 2018.

Zij heeft ons uittreksels bezorgd van de rekeningen waarop wij kunnen vaststellen dat zij kleding, voeding, vakanties heeft gekocht.

Zij heeft eveneens veel geldafhalingen gedaan die zij niet kan verantwoorden.

Zij heeft dit geld niet gebruikt voor logement, noch voor de betaling van facturen of schulden.

Moet ik rekening houden met deze bedragen als zijnde een roerend kapitaal of niet?

Antwoord 3:

U dient geen rekening te houden met dit bedrag omdat dit reeds uitgegeven werd, u dient rekening te houden met het resterend bedrag als een roerend kapitaal. Het is echter wel mogelijk om zich te baseren op artikel 3.4° met name dat zij zich vrijwillig verarmd heeft.

Vraag 4:

Als een student enkele dagen per week werkt in de maand maar op punctuele wijze (niet persé met een terugkerend contract - alle weekends bij voorbeeld), dient men dan dezelfde logica toe te passen als voor de "interims" en supprimeren OF enkel de effectief gepresteerde dagen recupereren OF moet men de inkomsten over de hele maand in aanmerking nemen en een berekening van de inkomsten van de hele maand nemen?

Antwoord 4:

Er is geen speciale berekening voor de studenten. Hier beschouwen we het alsof hij interim werk doet. De inkomsten moeten als maandelijkse bestaansmiddelen in aanmerking genomen worden.

Vraag 5:

Iemand die nog nooit maatschappelijke integratie heeft genoten, wordt leefloongerechtigd op de dag dat hij/zij een deeltijds tewerkstellingscontract ondertekend (de wedde is minder dan het leefloon).

Kan men de socio-professionele vrijstelling toekennen (art. 35 §1)?

Antwoord 5:

In dit geval is de socio-professionele vrijstelling niet van toepassing. De voorwaarde die vermeld wordt in de omzendbrief leefloon zijnde dat de vrijstelling van toepassing is als   de betrokkene een leefloongerechtigde is die begint te werken, werd hier niet vervuld.

De OCMW's kunnen niet systematisch rekeninguittreksels opvragen en de toekenning van het leefloon laten afhangen van de verstrekking ervan door de begunstigde. Dit zou inhouden dat een voorwaarde wordt toegevoegd die niet bestaat in de wet van 26 mei 2002.

Het OCMW kan echter alle informatie verzamelen die relevant en noodzakelijk wordt geacht om de meest geschikte steun te verlenen en om de middelen en behoeften van de begunstigden nauwkeurig te bepalen. De betrokkene wordt uitgenodigd om mee te werken aan het sociaal onderzoek van het OCMW, dat tot doel heeft een volledig overzicht te krijgen van zijn situatie.

Personen die in het zwart werken, kunnen niet in aanmerking komen voor de sociaal-professionele vrijstelling. Met deze inkomsten moet dus rekening worden gehouden bij de berekening van het leefloon.

Deze regel geldt ook voor studenten.

  1. Vraag:

    Als iemand recht had op het LEEFLOON als DAKLOZE (subsidie 100 %) en de toekenning wordt stopgezet voor een korte periode. Nadien is er opnieuw een toekenning leefloon (nog binnen de periode van 2 jaar), kan dan deze toekenning nog aanzien worden als leefloon als dakloze?

    Antwoord:

    In het geval van een "schorsing" van het leefloon (het recht blijft behouden, maar zonder terugbetaling), kan de toekenning van het leefloon opnieuw worden terugbetaald tegen 100% binnen de maximale periode van twee jaar.

    In het geval van een "stopzetting" van het leefloon en in het geval van een nieuwe leefloonaanvraag, kan er geen 100% terugbetaling meer plaatsvinden.

    Er moet dus een onderscheid gemaakt worden tussen een schorsing en een stopzetting.

    Zie in dit verband artikel 41 van de wet van 26 mei 2002.

  2. Vraag:

    Het OCMW wil een leefloon toekennen aan een persoon die dakloos was in een ander gebied en die net sociale huisvesting heeft gekregen. Dit is niet de eerste keer dat de persoon dakloos is. De betrokkene heeft reeds aanspraak kunnen maken op een installatiepremie.

    Kan het OCMW de 100% dakloze subsidie voor dit dossier aanvragen?

    Antwoord:

    Een nieuwe periode van 2 jaar begint te lopen voor het OCMW wanneer de persoon weer dakloos wordt en het OCMW hem opnieuw helpt door hem onderdak te bieden als hoofdverblijfplaats. Het OCMW kan de subsidie dus voor 100% aanvragen.

    Zie in dit verband punt 8.1.5 van de omzendbrief betreffende het recht op sociale integratie.

Indien u hier nog geen antwoord gevonden hebt op uw vraag kunt u steeds de algemene website bezoeken waar u ook een onderdeel 'FAQ' vindt: www.mi-is.be. Het spreekt voor zich dat u zich ook steeds kunt richten tot de FrontOffice via vraag@mi-is.be of 02/5088585.