Hiërarchie van de territoriale bevoegdheidregels van de OCMW's

1. Toepassing van de specifieke bevoegdheidsregels van artikel 2 van de wet van 2 april 1965, die afwijken van de algemene bevoegdheidsregel van artikel 1,1° van de wet

Aangezien de specifieke bevoegdheidsregels uitzonderingen zijn op de algemene bevoegdheidsregel, dienen zij bij voorrang toegepast te worden zodra aan alle toepassingsvoorwaarden is voldaan.

Al deze uitzonderingen moeten strikt geïnterpreteerd worden. Bijgevolg moet de algemene regel toegepast worden wanneer niet aan alle toepassingsvoorwaarden van de afwijkende regels wordt voldaan. Wanneer een uitzonderingsregel niet kan worden toegepast, valt men terug op de algemene basisregel.

Ter herinnering: deze specifieke bevoegdheidsregels zijn de volgende:

  • voor personen die in instellingen verblijven zoals bedoeld door de wet (artikelen 2,§1 , en 2§3)
  • voor asielzoekers (artikel 2§5)
  • voor personen die een opvangstructuur verlaten (artikel 2,§8),
  • voor studenten (artikel 2§6)
  • voor daklozen (artikel 2, §7)

2.  Hiërarchie tussen de specifieke bevoegdheidsregels

Indien aan de toepassingsvoorwaarden van verschillende specifieke bevoegdheidsregels  tegelijkertijd wordt voldaan, hebben sommige specifieke bevoegheidsregels voorrang op andere.

 

Welke specifieke bevoegdheidsregel moet worden toegepast in de volgende situaties?

 

a) Een student verblijft in een instelling zoals bedoeld in artikel 2, §1, of is dakloos

De bevoegdheidsregel voor studenten van artikel 2, §6, primeert op de territoriale bevoegdheidsregel voor het verbijf in een instelling van artikel 2, §1 en voor de bevoegdheidregel voor daklozen van artikel 2, §7.

b) Een asielzoeker verblijft in een instelling zoals bedoeld door artikel 2, §1 of is dakloos

De bevoegdheidsregel voor asielzoekers van artikel 2, §5, primeert op bevoegdheidsregels van artikel 2, §1 en van artikel 2, §7.

c) Een asielzoeker dient een aanvraag tot huurwaarborg in wanneer hij een opvangstructuur verlaat

De specifieke bevoegdheidsregel van artikel 2, §8, moet prioritair worden toegepast wanneer een persoon het recht heeft een opvangstructuur te verlaten en een aanvraag tot huurwaarborg indient om de opvangstructuur te kunnen verlaten.

d) Een dakloze verblijft in een instelling zoals bedoeld in artikel 2, §1

Artikel 2, §7 is enkel van toepassing op daklozen die niet in een instelling verblijven zoals bedoeld in artikel 2, §1. Wanneer een dakloze in een instelling verblijft zoals bedoeld in artikel 2, §1, moet de algemene bevoegdheidsregel van artikel 2,§1 worden toegepast.

3. De bevoegheidsregel van artikel 2, §9, van de wet van 2 april 1965

3.1. Een regel van bevoegheidscontinuïteit

Het nieuwe artikel 2, §9, van de wet van 2 april 1965 is een regel van bevoegdheidscontinuïteit van het OCMW dat bevoegd was en dat een beslissing heeft genomen in verband met de medische hulp. 

In eerste instantie moet dus het OCMW bepaald worden dat territoriaal bevoegd is bij toepassing van één van de bevoegdheidsregels van de artikelen 1,1 en 2 van de wet van 2 april 1965.

Artikel 2, §9 is enkel van toepassing wanneer een bevoegd OCMW de medische hulp heeft toegekend. Dit OCMW dat de medische hulp heeft toegekend, zal bevoegd blijven tijdens de geldigheidsperiode van de medische hulp en voor de volledige ononderbroken duur van de hospitalisatie van de betrokkene wanneer deze de geldigheidsperiode van de medische kaart overschrijdt.
 

3.2. Voorbeeld van geval uit de praktijk

Een student met volledig leerplan verblijft in  gemeente “A” en is gedomicilieerd in gemeente “B”.  
Hij dient een aanvraag tot medische hulp in bij het OCMW “A” op 14/04/2020.

A.    Bepaling van het bevoegd OCMW

       Toepassing van de bevoegdheidsregel voor studenten van artikel 2, §6 van de wet van 02/04/1965.

       Het bevoegd OCMW = het OCMW van de gemeente waar de student voor zijn hoofdverblijfplaats is ingeschreven op het ogenblik van zijn steunaanvraag = OCMW “B”

       Het OCMW “B” neemt een beslissing tot tenlasteneming van medische hulp, geldig van 14/04/2020 tot 13/06/2020.


B.    Continuïteit van de bevoegdheid van het OCMW dat de beslissing tot tenlasteneming van medische hulp heeft genomen 

a) Op 01/06/2020 : de betrokkene beslist om zijn studies stop te zetten:

       Toepassing van artikel 2, §9, van de wet van 2/04/1965:

       Het OCMW “B” blijft bevoegd om steun te verlenen aan de betrokkene tot aan het einde van de geldigheid van zijn beslissing tot tenlasteneming van medische hulp (tot en met 13/06/2020).

       Aangezien de betrokkene geen student meer is, is artikel 2, §6, van de wet van 02/04/65 niet meer van toepassing en is het OCMW “B” niet meer bevoegd. OCMW "B" kan zich onbevoegd verklaren en zijn beslissing tot tenlasteneming van medische hulp met ingang van 01/06/2020 intrekken en de steunaanvraag van de persoon overmaken aan het bevoegde OCMW overeenkomstig artikel 58, §3 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de OCMW’s. 
       => Zolang OCMW “B” zijn beslissing niet heeft ingetrokken en de steunaanvraag niet heeft overgemaakt, blijft het bevoegd.


b) Op 15/05/2020: hij wordt gehospitaliseerd voor onbepaalde duur:

       Toepassing van artikel 2, §9, van de wet van 2/04/1965:

       Het OCMW “B” zal eveneens bevoegd blijven om medische hulp te verlenen na 13/06/2020 (einde van de geldigheid van de beslissing tot tenlasteneming van medische hulp), en dit gedurende de volledige ononderbroken duur van de hospitalisatie van de betrokkene.

Indien u hier nog geen antwoord gevonden hebt op uw vraag kunt u steeds de algemene website bezoeken waar u ook een onderdeel 'FAQ' vindt: www.mi-is.be. Het spreekt voor zich dat u zich ook steeds kunt richten tot de FrontOffice via vraag@mi-is.be of 02/5088585.